Bezoekverslag Van Gogh Museum dd. 16 juni 2003
Zoals afgesproken melden we ons om elf uur bij de receptie. De heer LvT,
hoofd conservator schilderijen, komt ons ophalen uit de wachtruimte.
Hij brengt ons direct naar de kluisruimte in de kelder. Daar aangekomen
vraag ik hem waarom hij het schilderij afgewezen heeft. Het antwoord is
"op basis van de kennis die zij hebben van het oeuvre van van Gogh".
Ik vraag hem of ze dat wel aan de hand van foto's kunnen zien, het antwoord is
bevestigend. Ze hebben namelijk nogal wat ervaring en hebben heel wat schilderijen van
Vincent van Gogh gezien, dat moet ik maar van hem aannemen........
Aan de hand van de foto's zag hij geen reden om aan te nemen dat het schilderij van van Gogh was.
Na het uitpakken van het schilderij vraag ik hem of hij ermee accoord ga
dat ik aantekeningen maak. Hij reageert verwonderd, zo in de trant
van "aantekeningen waarvan?". Ik zeg dat ik dat doe voor het geval
hij misschien iets over het schilderij gaat zeggen.....
Eerst bekijkt hij de achterkant van het schilderij en met name
het label. Ik vertel hem dat er op mijn site een goede foto
staat, iets wat hij blijkbaar niet weet. Hij is nogal verbaasd
over de tekst "Stoom Spiegel en Lijstenfabriek".
Daarna bekijkt hij de voorkant van het schilderij.
Hij komt tot de conclusie dat er een hut afgebeeld is.
Vervolgens zegt hij dat de penseelstreek niet op die van van Gogh lijkt.
Die is namelijk breed en heel goed te volgen, heel anders dan bij dit schilderij........
Hij neemt ons mee naar de expositie-ruimte om "Farm with stacks of Peat"
(F22, JH421) te laten zien. Hier wijst hij op de brede penseelstreken
van de voorgrond, het groene veld. (Bij dit schilderij zijn inderdaad
enkele duidelijke penseelstreken te zien, de rest van het schilderij
is - in mijn opinie - qua penseelstreken even onduidelijk als ons schilderij).
Bij het voornoemde schilderij is de linker dakcontour op dezelfde vreemde
wijze geschilderd als bij ons schilderij. Ik wijs hem hierop.
Hij reageert door te vertellen over de wijze waarop een
schilderij opgezet wordt en dat het heel normaal is om het zo te schilderen..........
Ik vertel hem dat ik absoluut geen verschil zie tussen de lucht
op "Farm with stacks of Peat" en de lucht van ons schilderij. Hij
lijkt het hier mee eens te zijn door te zeggen dat het "een heel
simpel vlak luchtje is", zonder hier verder op in te gaan.
Vervolgens loop ik door naar "Cottages" (F17, JH395). Ik wijs hem
erop dat de onduidelijke bulten/hokjes bij "Cottages" exact hetzelfde
zijn als de linkeronderzijde van ons schilderij qua verfstructuur,
penseelstreken en onduidelijkheid van wat er afgebeeld is. Hier reageert hij niet op.
Teneinde een en ander niet op de spits te drijven zeg ik dat ik niet echt
met hem in discussie wil gaan omdat ik geen expert ben.
Toch kan ik het niet laten om te zeggen dat de enige
"duidelijke brede penseelstreken" die ik kan zien in "Cottages"
een paar lichte streepjes op de voorgrond zijn. Ook hierop komt verder geen reactie.
Terug in de lift naar de kluis vertel ik dat we druk doende zijn
met de provenance. Voor het eerst toont hij enige interesse.
Hij vraagt hoe we aan het schilderij gekomen zijn. We vertellen
hem het verhaal en melden terloops dat we in contact gekomen zijn
met Landais, hier reageerde hij totaal niet op, met geen woord.
Terug in de kluis bekeek hij het schilderij verder en stelde ik enkele vragen.
Op mijn vraag of de impasto volgens van Gogh's stijl is zegt hij
dat de verf wel dik aangebracht is maar dat dit weinig zegt.
Hij bekijkt de stoffage, de figuren, en zegt dat deze gedetailleerd
aan doen.
Op mijn vraag of deze gelijk met de rest of later aangebracht zijn
moet hij het antwoord schuldig blijven.
Ik vertel hem dat ik vind
dat de figuren gelijkenis vertonen met de figuren in "Peat boat" (F21, JH415).
Hij zegt dat daar werkende figuren afgebeeld zijn en bij ons schilderij
niet en dat dit toch op een heel andere manier geschilderd is. (?)
Vervolgens vraag ik hem of hij denkt dat er een signatuur zichtbaar is.
Hij zegt "Er zit iets roods met een streep, maar ik kan niet zeggen of
het een signatuur betreft".......
Op mijn vraag of de compositie van van Gogh zou kunnen zijn kan
hij geen antwoord geven. Het is te onduidelijk wat er op de voorgrond,
de onderzijde van de hut, afgebeeld is.
Desgevraagd geeft hij aan dat het een oud schilderij is, circa eind
negentiende eeuw, misschien iets later.
Mijn vraag of het onderwerp behoort bij van Gogh wordt bevestigend
beantwoord. Het was echter in die periode een zeer populair onderwerp
om te schilderen. Hij heeft geen idee wie het dan wel geschilderd
zou hebben, "dit kunnen er honderden zijn". Het zou zelfs door
een plaatselijke meester uit Culemborg geschilderd kunnen zijn..........
(Culemborg had ca 1000 arme inwoners toentertijd).
Op mijn vraag in hoeverre de briefteksten van belang zijn wordt
geantwoord dat deze niks zeggen. "In zijn brieven geeft Vincent
een beschrijving maar iedereen kan op basis van deze tekst een schetsje maken".......
Toen ik hem vroeg wat hij dacht van de briefteksten waaraan ik refereer
in mijn website begon hij te bladeren in wat papieren, oude prints
van mijn website. Hij ging hier verder niet op in.
Teneinde ons verder te overtuigen liep hij naar het eind van
de kluis om een schilderij te halen. Hij kwam terug met
"Two women in the moor" (F19, JH409) en legde deze naast ons
schilderij. Ik vertelde hem dat ik het zo frappant vond dat
de Drentse schilderijen slechts twee maten hadden (Het leek alsof
hij dit voor het eerst hoorde) en dat ons schilderij daarbinnen
paste. Hij kwam met een vaag verhaal over standaardafmetingen.
Vervolgens vertelde ik hem dat de schilderijen van voor en na de
Drentse periode juist zeer verschillend van afmetingen zijn, hier had hij geen antwoord op.
We bekeken ook de drager van het schilderij, hierin toonde hij echter weinig interesse.
Ik vroeg hem om de achterzijde van "Two women in the moor" te mogen zien.
Hij liet deze vluchtig zien en vertelde dat in het verleden de schilderijen
van een nieuwe ondergrond zijn voorzien.
Vervolgens vraag ik of de kleuren, het palette, overeenkomen
met Vincent's oeuvre. Hij kan hier geen oordeel over geven, de vernis
zou eraf moeten om dit te kunnen beoordelen.......
Als laatste vraag ik of het schilderij volgens "De Haagse school"
is. Het antwoord is "dat durf ik niet te zeggen". We kunnen
daarvoor beter met het RKD contact opnemen.........
Ter afsluiting vertel ik dat ik het erg vreemd vind dat slechts 1 persoon
over zoiets belangrijks als de authenticiteit kan oordelen. Hij antwoordde
hierop dat er meerderen het schilderij bekeken hebben. (Waarom werd ons
dan telefonisch verteld dat het schilderij de volgende week in de
vergadering van conservatoren besproken zou worden, terwijl we
voor die vergadering de schriftelijke afwijzing kregen?)
Hij gaf tevens aan dat als iemand anders een andere opinie had dat ze dan
altijd het schilderij nog nader zouden kunnen onderzoeken. Hij ziet echter
op dit moment geen enkele reden hiertoe.
Ik vroeg hem of hij bezwaar had dat ik e.e.a. op mijn website
wilde plaatsen.
Hij zei dat hij me dat niet kon verbieden.
Conclusie:
We vonden Dhr. LvT zeer ongeinteresseerd om het zachtjes uit te drukken.
Praktisch ieder positief aspect van het schilderij werd weggewuifd of bleef onbeantwoord.
Voordat hij het schilderij gezien had werd het (aan de hand van foto's) afgewezen op stilistische gronden.
Toen hij het schilderij gezien had werd het afgewezen op het ontbreken van
"duidelijke brede penseelstreken".
Voor alle duidelijkheid heb ik specifiek gevraagd waarom hij het schilderij
afwijst, hij antwoordde "op de penseelstreken". Vervolgens vroeg ik hem
of dit het enige was, dit werd bevestigend beantwoord.
(Ik heb de indruk dat er veel meer vroege werken zijn waar
"duidelijke brede penseelstreken" ontbreken zoals "The parsonage
garden at Nuenen" (F185, JH484), maar ik heb meer tijd nodig om dit goed uit te zoeken).
Na dit bezoek zijn we er nog meer van overtuigd dat ons schilderij
daadwerkelijk de verloren "eerste studie" uit Drenthe is.
Ook uit het gedrag van Dhr. LvT lijkt het ons dat hij weet dat het schilderij
van Van Gogh is.
Tot op heden heeft niemand ook maar één steekhoudend argument
kunnen geven waarom het niet zo zou zijn, terwijl er vele argumenten pro zijn.